Structured data testen en valideren

Samenvatting

Nadat je structured data hebt toegevoegd, is het belangrijk om te controleren of die correct is opgebouwd. Eén ontbrekende komma of een fout schematype en zoekmachines begrijpen de gegevens niet — dan verschijnen er geen rich results. Je test structured data met twee gratis externe tools van Google en Schema.org. Let op: een geldige test betekent dat je in aanmerking komt voor rich results, maar Google geeft nooit een garantie.

Hoe werkt het

Je test je structured data buiten Mach3Blocks, met een van deze tools. Je kunt zowel losse code testen (vóór publicatie) als een live URL (na publicatie).

Methode 1: Google Rich Results Test

De Rich Results Test controleert of je pagina in aanmerking komt voor rich results in Google.

  1. Open https://search.google.com/test/rich-results
  2. Kies URL testen (voor een al gepubliceerde pagina) of Code testen (om structured data te testen die je nog niet hebt gepubliceerd — plak dan je JSON).
  3. Klik op testen.

Google toont daarna: de gevonden schematypes, eventuele fouten, waarschuwingen, en welke rich results mogelijk zijn.

Methode 2: Schema Markup Validator

De Schema Markup Validator (https://validator.schema.org) controleert of je structured data voldoet aan de Schema.org-standaard. Dit is vooral handig voor types die Google niet als rich result toont, zoals Organization, LocalBusiness, AboutPage, ContactPage of eigen (custom) schema's.

Wanneer gebruik je dit

  • Telkens nadat je structured data hebt toegevoegd of gewijzigd.
  • Vóór publicatie, om fouten op te sporen (gebruik Code testen).
  • Na publicatie, om te controleren wat er live staat (gebruik URL testen).

Waar klik je precies

Vóór publiceren (Code testen):

  1. Kopieer je structured data uit het Structured data-veld (Code bewerken).
  2. Open de Rich Results Test → Code testen → plak de JSON → testen.
  3. Los eventuele fouten op en publiceer daarna pas.

Na publiceren (URL testen):

  1. Publiceer je website.
  2. Open de Rich Results Test → URL testen → vul de pagina-URL in → testen.
  3. Controleer of de gewenste schematypes worden herkend, zonder fouten.

Praktijkvoorbeelden

Voorbeeld 1 — FAQ vóór publicatie. Je hebt een FAQPage-schema op een collectie-overzicht gezet maar wilt eerst zeker weten dat het klopt. Je kopieert de gegenereerde code, plakt die in Code testen, en ziet dat Google een geldige FAQ herkent. Daarna publiceer je.

Voorbeeld 2 — bedrijfsgegevens valideren. Je hebt op websiteniveau een LocalBusiness-schema. Google toont dit type niet als rich result, dus je gebruikt de Schema Markup Validator om te controleren of de gegevens (naam, adres, telefoon) volgens de standaard kloppen.

Veelgemaakte fouten

  • Ongeldige JSON: een ontbrekende komma of accolade breekt het hele schema. De test wijst de regel aan — corrigeer die in het Structured data-veld.
  • Testen overslaan: publiceer nooit ongecontroleerde structured data; een fout kost je juist de rich results.
  • Denken dat een geldige test rich results garandeert: het betekent dat je in aanmerking komt. Google beslist zelf of en wanneer een rich result wordt getoond.